De 2de tocht staat op het programma en wel naar de Mount Meru. Wederom in de kantoorkamer van Erasto onderhandelen Michael en ik over de beste prijs. Uiteindelijk komen we op een prijs uit van 650 USD. Wat best een mooie prijs is, anderen betalen tot wel 1350 USD voor dezelfde trip dus onderhandelen van te voren heeft zeker wel zin. Hierbij zit dan inbegrepen: Vervoer naar begin van het park, Vergunning, Gids, Kok, 2 overnachtingen in hutten (als je de 3 daagse tocht doet) en vervoer terug naar Moshi.
In de ochtend maken wij kennis met de gids: Paul en de kok: Alfred. Zei halen ons op bij ons verblijf in Moshi en met een busje rijden wij naar de ingang van het park bij de Mount Meru. Als eerste komen we bij de hoofdingang aan van het park. Hier duurt het wat langer voordat we verder mogen omdat er iets niet gelukt is met de betaling voor de vergunningen. Hier wachten wij dan zo 2 uur voordat wij het park binnen mogen. Wanneer deze formaliteiten zijn afgehandeld mogen wij verder het park in.



Naar de eerste hut
Wanneer wij bij de plaats zijn aangekomen van waaruit alle tochten worden opgestart verzamelen wij ons en krijgen een Park Ranger toegewezen. Een man in Groen uniform met een karabijn. Deze zal ons escorteren naar de eerste hut. Onderweg is het mogelijk dat we wilde dieren tegen komen en daarom is de Ranger erbij. Met een samengestelde internationale groep lopen we naar de eerste hut. Dit is dus niet de groep waar je ook mee de berg op gaat. Ze voegen dus allerlei groepjes samen en die lopen dan onder begeleiding van 1 ranger omhoog. Van mij hoeft al dat georganiseerde niet zo. Maar het zijn de regels hier nou eenmaal. En pas mij daar dan op aan. Door de Jungle lopen wij eerst over een verharde weg en komen wat wilde dieren tegen. Later gaan we door de Jungle en na een aantal uur komen we bij het kamp aan.



Bij dit kamp staan verschillende gebouwen. Deze zien er prima uit. Van onze gids krijgen we een kamer toegewezen en dit ziet er allemaal prima uit. We hebben stapelbedden en het ligt nog beter dan in sommige hutten in de Alpen. We rusten wat uit en rond een uur of 6 komt Alfred met het avondeten. Paul bespreekt met ons de volgende dag en stelt voor om vanuit hier direct naar de top te gaan morgen. Dat word morgen dus een lange dag met 2000 hoogtemeters. Michael en ik stemmen toe en gaan vroeg naar bed.



De volgende morgen worden wij rustig wakker en onze kok Alfred komt met een emmertje warm water aangelopen om ons te wassen. Wat een grote luxe toch. Na een goed ontbijt verzamelen alle groepen zich weer en gaan weer onder begeleiding van de Ranger door naar het volgende kamp. Daar zullen wij onze spullen achter laten die we niet nodig hebben op de berg en onze weg weer vervolgen naar de top. We zetten flink de pas erin en komen mooi op tijd aan in het kamp. Hier wijst Paul ons een kamer toe en laten wij onze overige spullen achter. Wanneer wij gereed zijn gaan wij op pad naar de Mount Meru.



We volgen een pad, eerst nog met begroeing ernaast maar al snel neem de begroeing af en komt het vulkanisch gesteente tevoorschijn. We kijken tegen de zuidoostkant van de hele rotspartij aan. Het heeft iets weg van een maanlandschap maar dan met steile afgronden. We volgen het pad en ik ga rustig. Michael vraagt of hij vooruit kan gaan. Hij kan ongelofelijk goed tegen de hoogte. De gids zegt ga maar. Aan de ene kant begreep ik het wel, aan de andere kant kwam er toch een weerstand in mij op die het er niet mee eens was. Maar ieder zijn eigen tempo.



Michael verloren wij uit het oog en Paul en ik gingen rustig verder. Wat een uitzicht en een landschap, prachtig! Naarmate we hoger kwamen speelde de hoogte bij mij op. Ik had het best moeilijk zo in 1 keer van 2500 naar 4500. Maar ik bleef rustig gaan, dronk en at voldoende en zocht afleiding door met Paul in gesprek te blijven. Paul kreeg ondertussen vele ‘Business Calls’ en zat veel aan de telefoon. Ik had koppijn en voelde mij duizelig.






It’s all in the mind…
Waren steeds de wijze woorden van Paul. En dat wist ik ook. Na persoonlijke ervaringen op hoogte in Mexico en Ecuador wist ik nu ongeveer wel wat ik kon op hoogte. Het thema hoogte is zeer persoonlijk en ieder mens reageert anders op hoogte. Ik wist dat ik nu last had omdat ik van te voren niet rond de 4000m ben geweest. Ik wist dat als ik rustig bleef gaan ik een goede kans had om de top te bereiken. We kwamen bij het laatste gedeelte aan. Een gedeelte waar je hier en daar je handen en voeten moet gebruiken. Niet moeilijk maar waar je wel gefocust moet doorgaan. Michael kwam ons weer tegemoet en had de top gehaald. Ik feliciteerde hem. Hij ging weer omlaag. Ik ging de laatste meters omhoog. Paul en ik bereikte de top. Blij dat ik was. Om de prachtige kleuren van de Tanzaniaanse vlag hier te zien. We maakten wat foto’s en aten en dronken wat.






Daarna begonnen we weer met de afdaling. Nog steeds met goed zicht maar met grote wolken om ons heen liepen we de avondschemer in. Er kwam nog een groep ons tegemoet, 2 andere nederlanders met een gids en hulp. Ik wenste ze succes, ze waren best laat.



Paul en ik gingen weer verder met de afdaling. Toen het donker werd ging de hoofdlamp aan. Met duister kwam ik het kamp binnen gelopen. Het was een intensieve dag geweest. Ik ging naar de etenstent waar ik Michael trof. Hij begroette en feliciteerde mij. We hadden het nog over het moment dat hij alleen verder ging. Ik vertelde hem dat het op deze berg niet zo’n probleem is maar straks op de Kilimanjaro is het wel belangrijk om bij elkaar te blijven vertelde ik hem. Hij stemde in.
Het avondmaal bestond uit rijst. Ik had weinig honger en nog aardige koppijn. Alfred kwam met veel thee aan. Dit dronk ik op. Ik ging naar de slaaphut en viel in een diepe slaap.
De volgende morgen voelde ik mij al weer stukken fitter. Na het ontbijt liepen wij terug omlaag helemaal naar de start. Een lange afdaling. We hadden het gehaald in 3 dagen en waren nu goed voorbereid op de Kilimanjaro.



